Van snelweg naar gracht, een bijzondere transformatie in Utrecht

Van snelweg naar gracht, een bijzondere transformatie in Utrecht

Blog Sander Gelinck | 2 Januari 2016
Ik moet altijd aan Rijk de Gooijers ‘Foutje, bedankt‘ denken als het om Utrechts heropende stadsgracht gaat. Begin jaren negentig woonden we aan de Catharijnesingel, zo’n beetje op de plek waar de kortste autosnelweg van Nederland weer een gewone tweebaans stadsweggetje werd. Ook toen al stonden de kranten vol van plannen om de gracht ooit weer in ere te herstellen. De afgelopen jaren is het planningsfoutje hersteld. Het levert een bijzondere transformatie op. Van snelweg naar gracht. De singel is nog niet helemaal af, het laatste stuk (waar ik woonde) moet nog. Maar de transformatie is te bijzonder om niet bij stil te staan. Niet om al die funderingspalen die weer losgetrild moesten worden, maar vooral omdat het aangeeft hoe nu en in het verleden over de stad werd gedacht. Wie in dit stukje stadsgeschiedenis duikt, belandt in een tijdreis aan opvattingen hoe je stad maakt. Opvallend hoe snel die kunnen veranderen. De details en anekdotes maken het verplichte kost voor toekomstige generaties stadmakers.

Er zijn meer steden die in de jaren vijftig en zestig vorige eeuw bevangen raakten door het idee dat de stad voorbereid moest worden op de moderne tijden. De Nederlandse bevolking zou snel naar 25 miljoen inwoners groeien was de voorspelling (het was voor de pil) en al die mensen moesten ergens hun spullen kopen, naar het theater en museum, De centrumfunctie van de stad moest snel in een nieuw modern jasje gestoken. Met grootse ingrepen voor de auto en her en der een paar oude wijken die mooi meteen konden worden ‘gesaneerd’. Krotopruiming werd dat genoemd. Menig burgemeester heeft er zijn bijnaam De Sloper aan overgehouden. Maar geen enkele gemeente maakte het zo bont als Utrecht. Deze stad roept in de jaren vijftig zelfs een Duits verkeersbureau te hulp om een verkeersplan te maken waarin een groot deel van de singelgrachten zou worden gedempt voor de auto en een betere aansluiting van het treinstation op de stad. Die plannen riepen direct veel weerstand op onder de bevolking, maar in die zwartwit tijd wisten bestuurders het nog beter. Waarom waren ze anders gevraagd? Voor de jongeren onder ons: inspraak moest nog uitgevonden worden.

Het dempen van de grachten moest van bovenaf worden tegengehouden door minister Klompé die Utrecht uitlegde dat de twaalfde eeuwse grachten (eeuw of vijf ouder dan die van Amsterdam) toch wel monumentaal waren. Het zal geen toeval zijn dat een van de nieuwe bruggen naar haar vernoemd is. De geest was echter uit de fles. En in die jaren was de wereld nog maakbaar. Dat moest je alleen niet aan leken overlaten, daar had je professionals voor. Stadsplanners waren nog ingenieur (en dat is iets anders dan procesmanager), en vanaf jaren zeventig werden deze geholpen door projectontwikkelaars (iets nieuws overgewaaid uit de VS) die hetzelfde konden maar er dan ook nog geld aan konden verdienen. Hoe typerend is de anekdote dat de ontwikkelaar van Hoog Catharijne Empeo eerst adviseur was die door Utrecht gevraagd werd om een plan voor een parkeergarage. Je geeft ze een vinger… Empeo pakte uit met een plan voor de bouw van een nieuw winkelcentrum met kantoren, woningen en meerdere parkeergarages. Ook wel bekend onder de naam Hoog Catharijne. En voor zoiets moderns kun je natuurlijk best een stukje monumentale gracht dempen. Nog zo’n bizarre anekdote: later verklaren de betrokken ingenieurs (die niet lang daarna natuurlijk voor een projectontwikkelaar werkten) dat ze het plan zelf ook wel een beetje grootschalig vonden.

Er werd niet alleen een stukje gracht gedempt. Voor het grootste winkelcentrum van Nederland (en de bereikbaarheid ervan) werd de negentiende-eeuwse stationswijk gesloopt net als het oude station zelf. Ook een deel van het binnenstadsgebied rond Clarenburg werd gesloopt waaronder enkele middeleeuwse panden, evenals het gebouw van verzekeringsmaatschappij De Utrecht dat als één van de belangrijkste Jugendstil-panden van Nederland werd beschouwd. De Utrecht zelf is waarschijnlijk opgegaan in  REAAL Verzekeringen, inderdaad die van ‘Foutje, Bedankt’. Het gebouw is nog te bewonderen op haar eigen wikipagina waarop te lezen staat dat de exacte locatie ongeveer is ‘waar zich thans de afhaalbalie van de Media Markt bevindt’. Lijkt me een leuke anekdote om eens met de jeugd van gedachten te wisselen over een woord dat projectontwikkelaars graag gebruiken, dat van waardecreatie. In ieder geval vonden veel Utrechters dat HC maar niets omdat het slechts ‘schreeuwerige commercie’ betreft.  Een deel van de Stadsbuitengracht werd dus gedempt en hernoemd tot Catharijnebaan. De planners hadden echt het idee dat ze een autoweg dwars door de stad gingen aanleggen met fly-overs en een breedte van 12 parallel banen. De weg is nooit verder gekomen dan een paar honderd meter. Nog voor de oplevering van dat stuk was er spijt en ter hoogte van de huidige Rechtbank (voor liefhebbers de oude HBS) gaat de droom over in een reguliere tweebaansweg.

Plannen voor herstel van de gracht zijn al zo oud als het dempen zelf. Zo bezien is het opvallend dat het nog bijna een halve eeuw heeft geduurd voordat het foutje weer hersteld is. Waarom het nu wel lukt en in andere steden (nog) niet? Ik hoop dat daar nog een keer iemand op promoveert. Die moet dan maar eens precies uitzoeken hoe belangrijk het is geweest dat GroenLinks sinds 2006 (met een kleine onderbreking) in het college van Utrecht heeft gezeten (met een stevig anti-autobeleid als ik het mag zeggen). En welke rol het Referendum uit 2002 over de toekomst van het stationsgebied (met een ambitie aan kantoor-vierkante meters die al snel niet meer haalbaar bleek, maar toen wel geholpen heeft om de miljoenen voor het dempen te ‘vinden’) heeft gespeeld. Zeker is dat er sinds december 2015 weer water door de Catharijnesingel stroomt. Nu deels over een ondergrondse parkeergarage en dat is winst. Voor de liefhebbers hier een timelaps filmpje van de werkzaamheden.

Er rest dus nog een klein stukje om uit te graven, het stukje waar ik zelf aan woonde. Dat heet inmiddels ‘deelgebied Catharijnesingel-zuid’ en loopt grofweg van Mariaplaats tot hotel Karel V. Nu maar hopen dat het geld daarvoor verzameld is voordat iemand bedenkt dat die laatste paar honderd meter ‘Catharijnebaan’ hoognodig bewaard moeten blijven als herinnering aan een typerende functionalistische planningsideologie.

 

468 ad

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *